Een operatieve ingreep omtrent de ziekte van dupuytren wordt gedaan om verlichting te brengen en de functie van de hand te verbeteren. Desalniettemin geeft de ingreep geen garantie voor een blijvend effect op de lange termijn, omdat het gaat om een ziekte. U bent dus niet “genezen” na de operatie. Er bestaat een kans dat de klachten met de tijd terug kunnen komen.
Wat is de ziekte van dupuytren?
De ziekte van Dupuytren is een verdikking van het bindweefsel in de hand. Hierdoor kunnen er onderhuidse knobbels en strengen ontstaan. Het is niet kwaadaardig. Wel kunnen strengen een blijvende kromstand van de vingers veroorzaken. In sommige gevallen geeft het ook pijnklachten en is het strekken van de vingers niet meer volledig mogelijk. Het gaat meestal om de ringvinger en de pink.
Oorzaken
Deze aandoening heeft een duidelijk genetische oorsprong: 25% van de patiënten meldt een familielid met soortgelijke klachten. De ziekte van Dupuytren komt vooral voor bij Noordwest-Europese volkeren, terwijl het vrijwel niet voorkomt bij Afrikaanse volkeren. Het wordt ook wel de vikingziekte genoemd, omdat de geografische verspreiding van de ziekte over Europa en Groot-Brittannië overeenkomt met de Vikingtrektochten.
Symptomen
De aandoening begint vaak met een knobbeltje in de hand en er ontwikkelt zich vaak geleidelijk een onderhuidse streng die het strekken van de vinger(s) beperkt. Soms duurt het enkele maanden dat een streng zich ontwikkelt. Alhoewel het ook jarenlang kan duren voor de ziekte verergert.
Operatie
Bij de ingreep worden de bindweefselstrengen, die de dwangstand van uw vingers veroorzaken, verwijderd. Er is ook een mogelijkheid de operatie uit te voeren met een naald (percutane naaldfasciotomie), waarbij de bindweefselstreng door deze naald wordt gekliefd. Eventueel wordt de klieving opgevuld met vet (lipofilling). Dit verkleint de kans dat op nieuwe strengvorming.